Economische Verkenningen Metropoolregio Amsterdam 2020

Leestijd: 15-20 minuten

De economische uitgangspositie van de Metropoolregio Amsterdam blijft ondanks de coronacrisis onverminderd sterk. Maatregelen tegen de verspreiding van het coronavirus raken de regionale economie relatief hard, maar experts verwachten spoedig en relatief krachtig herstel. Dat blijkt uit de Economische Verkenningen Metropoolregio Amsterdam 2020, die dinsdag 24 november zijn gepresenteerd.

In dit artikel nemen we je mee langs een aantal inzichten uit deze Economische Verkenningen (EVMRA); de wat ons betreft interessantste feiten, cijfers en grafieken. In de EVMRA-publicatie vind je een schat aan informatie met alle recente cijfers en nog veel meer inzichten over de economische ontwikkeling in de 32 gemeenten van de Metropoolregio Amsterdam (MRA), de Vervoerregio en in de provincies Noord-Holland en Flevoland.

Wat voor impact heeft de coronapandemie op de regionale economie?

Het zal je zeker niet ontgaan zijn. 2020 stond in het teken van de coronapandemie die steden wereldwijd hard geraakt heeft. Dat zien we ook terug in de EVMRA van 2020. Een belangrijke disclaimer wordt gemaakt door de onderzoekers: ‘de coronacrisis zorgt voor fundamentele onzekerheden, waardoor voorspellingen van beperkte waarde zijn.’ Oftewel, staar je niet blind op de cijfers, maar kijk door je oogharen heen naar de verwachte trends.

De coronacrisis heeft een grotere impact op de economie van de MRA dan op de Nederlandse economie als geheel. Dat komt doordat de economie van de MRA relatief veel sectoren kent die zwaar worden geraakt. Denk daarbij aan het cluster rond Schiphol, maar ook de sectoren cultuur, sport en recreatie en toerisme. In combinatie met de sterke internationale afhankelijkheid en een relatief groot aandeel flexibele banen leidt dit voor de MRA naar verwachting in 2020 tot een grotere krimp van de economie dan landelijk. In vergelijking met omringende landen is deze ontwikkeling overigens nog relatief gunstig: andere metropolen zien een aanzienlijk heftigere krimp.

Bron: EVMRA, op basis van data van CBS, CPB, Eurostat, Europese Commissie (bewerking TNO/Vrije Universiteit Amsterdam).

 

  • Na een stevige groei van gemiddeld 3,2 procent in de periode 2013-2018, vlakte de groei van de MRA-economie af naar 3,4 procent in 2018 en 2,7 procent in 2019. De groei was sterker, maar ook het dal is gemiddeld circa 1 procentpunt meer dan Nederland als geheel en de EU-27.
  • De coronacrisis leidde tot een forse deuk in het vertrouwen van zowel producenten als consumenten en minder bedrijvigheid.
  • De verwachting is dat de groei van de MRA in 2020 met een factor 1,2 tot 1,4 sterker af zal nemen dan in Nederland als geheel.
  • De opeenstapeling van economische, sociale en politieke onzekerheden op zowel nationaal als internationaal vlak, werpt haar schaduw over de komende jaren. De weerbaarheid en wendbaarheid die de economie van de MRA de afgelopen decennia hebben gekenmerkt, geven een zekere mate van houvast, maar meer dan ooit zullen ontwikkelingen ‘van buiten’ bepalend zijn voor de regionale economie.

Hoe staat de arbeidsmarkt erbij?

De werkloosheid loopt geleidelijk op. De eerste klappen worden opgevangen door mensen met flexibele contracten en zijn minder zichtbaar. Vóór de coronacrisis had de MRA een historisch uniek laag werkloosheidsniveau bereikt, vanwege zeer grote krapte op de arbeidsmarkt. Dat er vóór de crisis zoveel vacatures waren, geeft hoop dat wanneer de economie straks herstelt, inwoners in de MRA ook weer snel aan een baan komen.

Bron: EVMRA/CBS (bewerking SEO Economisch Onderzoek)

 

  • De bruto arbeidsparticipatieDe bruto arbeidsparticipatie geeft aan hoeveel procent van de beroepsgeschikte bevolking (alle personen tussen de 15 en 65 jaar) tot de beroepsbevolking behoort, en dus een betaalde baan heeft of deze zoekt. Hierin worden werklozen meegeteld.
     
    De netto arbeidsparticipatie geeft aan hoeveel procent van de beroepsgeschikte bevolking ook daadwerkelijk een betaalde baan heeft. Werklozen worden hierin dus niet meegeteld. (Bron: CBS)
     
    Werkloosheidspercentage = (netto arbeidsparticipatie/bruto arbeidsparticipatie)*100%
    in de MRA nam in 2019 toe tot 72 procent van de potentiële beroepsbevolking. Daarmee ligt de arbeidsparticipatie – ook die van inwoners met een migratieachtergrond – in de MRA hoger dan in de rest van Nederland.
  • De werkloosheid in de MRA nam in 2019 verder af met vijfduizend personen tot 3,6 procent van de beroepsbevolking. Het werkloosheidspercentage in de MRA ligt voor alle bevolkingsgroepen (naar leeftijd, opleidingsniveau en migratieachtergrond) lager dan dat voor heel Nederland,  de arbeidsmarktkansen in de MRA zijn dus relatief gunstig.
  • De coronacrisis zorgt naar verwachting voor een daling van de economische groei, en daarmee een daling van de werkgelegenheid en een stijging van de werkloosheid. Dit treft op korte termijn vooral inwoners met een flexibele arbeidsrelatie, die vind je vooral in de private dienstverlening. Omdat deze groepen in de MRA sterker zijn vertegenwoordigd dan landelijk, zijn de effecten van de coronacrisis in de MRA eerder en sterker voelbaar.

Waarom spreken experts van snel en krachtig herstel voor de MRA?

De agglomeratiekracht is de basis voor ons regionale herstel. Oh ja, de agglomeratiekracht.. maar wat was dat ook alweer? Wanneer bedrijven dicht bij elkaar zitten en er specialisatie optreedt, ontstaan er lokale voordelen. Door als stad een bepaalde massa en diversiteit aan economische activiteiten te hebben kan kennis en creativiteit overspringen tussen organisaties. Er treedt dan een hogere arbeidsproductiviteitArbeidsproductiviteit is een maatstaf voor de efficiëntie waarmee wordt gewerkt. De uitkomst is de voortgebrachte hoeveelheid bbp of toegevoegde waarde per voltijdbaan. De arbeidsproductiviteit is een belangrijke economische indicator: een groeiende arbeidsproductiviteit verhoogt de welvaart van een land (of regio) en de winstgevendheid van ondernemingen. De arbeidsproductiviteit kan bijvoorbeeld verhoogd worden door meer of beter gebruik te maken van machines. Sommige beroepen, zoals dat van kapper of violist, zijn van nature arbeidsintensief en lastig te automatiseren of te mechaniseren. Hier valt dan ook weinig arbeidsproductiviteitswinst te behalen. Dit verklaart voor een belangrijk deel de grote verschillen in arbeidsproductiviteit(sgroei) tussen bedrijfstakken. op.

De uitgangspositie van de MRA blijft onverminderd sterk, constateren de onderzoekers in de EVMRA. De agglomeratievoordelen die clustering van economische activiteiten met zich meebrengt, zullen naar verwachting niet fundamenteel wijzigen ten gevolge van de coronapandemie. De afgelopen decennia kenmerkten zich door benutting van agglomeratiekracht. Binnen de MRA concentreerden het BRP  en werkgelegenheid zich sterk in Amsterdam en Amstelland-Meerlanden. Hiervan heeft de hele MRA geprofiteerd.

Bron: EVMRA

 

  • De groei van de toegevoegde waarde en de werkgelegenheid was in de periode 2013-2018 in de MRA hoger dan in de rest van Nederland. In bijna alle sectoren was de groei hoger vergeleken bij de rest van Nederland . De MRA is gespecialiseerd in sectoren met een relatief snel groeiende toegevoegde waarde en werkgelegenheid zoals ICT en (specialistische) zakelijke diensten.
  • De arbeidsproductiviteit in de MRA lag gedurende de periode 1996-2012 ongeveer 20 procent boven de arbeidsproductiviteit in de rest van Nederland. Kennisintensieve bedrijven clusteren zich in de regio en profiteren van agglomeratievoordelen die de MRA biedt.
  • De groei van de arbeidsproductiviteit vlakt enigszins af vanaf 2013, maar in mindere mate dan in de rest van Nederland. Hierdoor ligt de arbeidsproductiviteit in de MRA in 2018 nog 25 procent hoger dan in de rest van ons land.

In welke economische activiteiten is de MRA gespecialiseerd?

De MRA is een hoogwaardige diensteneconomie met aantrekkelijke stedelijke voorzieningen (zoals bioscopen, restaurants, musea en theaters). Met uitzondering van cultuur, recreatie en sport en financiële diensten, kennen de sectoren die vallen onder commerciele dienstverleningDienstverlening gericht op het maken van winst. Samentellingen van de SBI-secties G t/m N, daardoor omvattend: G Groot- en detailhandel; reparatie van auto's H Vervoer en opslag I Logies-, maaltijd- en drankverstrekking J Informatie en communicatie K Financiële instellingen L Verhuur van en handel in onroerend goed M Advisering, onderzoek en overige specialistische zakelijke dienstverlening N Verhuur van roerende goederen en overige zakelijke dienstverlening Bron: CBS  (informatie en communicatie, specialistische zakelijke diensten, groothandel, horeca, vervoer en opslag en onroerend goed) ook allemaal een (ruim) bovengemiddelde groei van de toegevoegde waarde in de periode 2013-2018. Allen de groei van de financiële dienstensector blijft, ook op landelijk niveau, achter sinds de financiële crisis, die begon met de val van zakenbank Lehman Brothers in 2008. Dat neemt niet weg dat deze sector in de MRA ten opzichte van de financiële diensten op nationaal niveau nog relatief snel groeit. Kortom, commerciële diensten zijn de belangrijkste aanjagers van de relatief hoge economische groei van de MRA sinds 2012.

 

Bron: EVMRA/CBS (bewerking TNO/SEO Economische Onderzoek)

 

Dit zien we ook terug als we kijken naar het aandeel in de werkgelegenheid (zie de volgende grafiek). De gemiddelde jaarlijkse groei in de MRA bedroeg 1,8 procent: dit is flink hoger dan de 1,1 procent groei in de Nederlandse economie als geheel. Ook in termen van werkgelegenheid is de MRA gespecialiseerd in de sectoren van commerciele dienstverleningDienstverlening gericht op het maken van winst. Samentellingen van de SBI-secties G t/m N, daardoor omvattend: G Groot- en detailhandel; reparatie van auto's H Vervoer en opslag I Logies-, maaltijd- en drankverstrekking J Informatie en communicatie K Financiële instellingen L Verhuur van en handel in onroerend goed M Advisering, onderzoek en overige specialistische zakelijke dienstverlening N Verhuur van roerende goederen en overige zakelijke dienstverlening Bron: CBS . De combinatie van grote en snelgroeiende sectoren als informatie en communicatie en specialistische zakelijke diensten drijft de werkgelegenheidsontwikkeling in de MRA op. Ook dienstverlenende sectoren die belangrijk zijn voor consumenten en recreanten – zoals horeca en cultuur, sport en recreatie – zijn sterk gegroeid in de periode 2013-2018. In de financiële dienstensector in de MRA krimpt de werkgelegenheid echter met -1,1 procent, maar in de rest van Nederland is die krimp met -2,9 procent nog veel groter.

Bron: EVMRA/CBS (bewerking TNO/SEO Economische Onderzoek)

 

Hoe zit het met faillissementen?

De MRA is gespecialiseerd in een aantal sectoren die relatief zeer kwetsbaar zijn voor de gevolgen van de coronacrisis, zoals de sectoren cultuur, sport en recreatie, horeca, specialistische zakelijke diensten en financiële diensten. Het CPB schat in dat sectoren met een hoog faillissementsrisicoIn een recente analyse heeft het CPB een voorspelling gemaakt van het faillissementsrisico per sector van de economie voor 2020 en 2021 (Soederhuizen e.a., 2020). Dit (voorspelde) risico is gebaseerd op ervaringen tijdens en na de financiële crisis. Daarbij is rekening gehouden met verschillen in de uitgangspositie, met andere woorden, hoe bedrijven er financieel voor staan op het moment dat de crisis begint. Dit is vervolgens gecombineerd met informatie over het sectorspecifieke productieverlies in de huidige crisis. De uitkomst is een ‘voorspeld’ sectoraal faillissementsrisico voor 2020 en 2021. sterk oververtegenwoordigd zijn in de economie van de MRA.

 

Bron: EVMRA/CBS, CPB (bewerking TNO/SEO Economisch Onderzoek)

Is er genoeg ruimte?

In de MRA strijden wonen, bedrijvigheid, energieopwekking, recreatie en natuur in toenemende mate om de schaarse ruimte. Het wordt steeds moeilijker om de verschillende ruimteclaims tegen elkaar af te wegen. Om hierin scherpe keuzes te kunnen maken heb je een set van tools nodig als basis. Daarover hieronder meer, eerst nog wat cijfers op een rij.

Bron: EVMRA/CBS (bewerking SEO Economisch Onderzoek)

 

  • Het tekort aan ruimte uit zich in het bijzonder in spanningen op de woningmarkt. Dit leidt tot grote pendelstromen, congestie en daarmee ook milieueffecten.
  • De transitie naar een circulaire economie levert grote uitdagingen op. Evengoed zijn in de MRA de eerste resultaten zichtbaar in het terugdringen van huishoudelijk afval en de verwerking ervan. Een belangrijk deel van het afval wordt echter nog steeds verbrand of gestort, en reststromen worden nog beperkt ingezet.
  • De coronacrisis leidt naar verwachting tot minder milieudruk en ruimteclaims. Dit is echter een tijdelijke ontwikkeling: na deze crisis zullen de druk op het milieu en de ruimteclaims weer toenemen.

 

Bron: EVMRA

 

De woningmarkt in de MRA toonde de afgelopen decennia een toenemende mismatch tussen vraag en aanbod. Tussen 2011 en 2013 daalden de prijzen per vierkante meter woonoppervlakte van koopwoningen als gevolg van de Grote Recessie, maar tussen 2014 en 2019 stegen ze weer sterk, zeker ook ten opzichte van de rest van Nederland. Hierbij was de stijging in Amsterdam het grootst, maar alle andere MRA-deelregio’s kenden de laatste jaren ook flinke prijsstijgingen. Sinds 2012 zien we dat de groei naast Amsterdam met name ook aantrekt in de deelregio’s Almere-Lelystad, Zuid-Kennemerland, Amstelland-Meerlanden en Zaanstreek-Waterland. Er is daarmee sprake van een geleidelijke overloop van de krapte van de stad Amsterdam naar omliggende deelregio’s.

Zijn economische groei en CO-uitstoot al ontkoppeld?

Bron: Klimaatmonitor en EVMRA

 

De MRA stoot inderdaad steeds minder CO2 uit, ondanks de bovengemiddelde economische groei. Deze absolute ontkoppeling is een eerste stap in de transitie naar een klimaatneutrale energievoorziening. De ontwikkeling van hernieuwbare energie in de MRA verloopt echter nog niet snel genoeg om het nationale doel (14 procent in 2020) te realiseren.

De ruimtelijke inpassing van de duurzame ambities van de MRA is een relatief nieuwe opgave voor de ruimtelijke ordening. Deze komt boven op de bestaande ruimtelijke opgaven, zoals het creëren van ruimte voor woningen, kantoren, bedrijven en transport. De MRA is met Amsterdam, Schiphol en het havengebied een dichtbevolkt gebied met een hoge energievraag per hectare. De klimaatopgave van de MRA-overheden brengt dan ook een zoektocht naar ruimte voor grootschalige hernieuwbare energieopwekking en nieuwe infrastructuur (voor energieopslag en -transport) met zich mee. Hierbij komt dat er in minder dichtbevolkte MRA-deelregio’s in beginsel meer ruimte is voor grootschalige duurzame projecten, terwijl de energievraag elders hoger is. Daarbij is de ruimtelijke impact van energietransitie niet overal even groot en zijn er ook in verstedelijkte gebieden van de MRA veel mogelijkheden voor hernieuwbare energie.

Bron: EVMRA

Is de toekomst nu niet extra onzeker?

Voor de iets verdere toekomst wordt ook de economie van de MRA geconfronteerd met een aantal grote onzekerheden: de uitkomst van de Brexit-onderhandelingen, onduidelijkheid over de effectiviteit en beschikbaarheid van een coronavaccin, de gevolgen van de pandemie voor de wereldhandel op middellange termijn en de uitdagingen om de snel opgelopen staatsschuld wereldwijd op een verantwoorde en geleidelijke manier tot houdbare proporties terug te brengen. Hoe snel we uit de crisis kunnen komen wordt ook sterk beïnvloed door het vermogen van Europa en de lidstaten om gezamenlijk de sluimerende sociale spanningen, die door de coronacrisis zijn uitvergroot, het hoofd te bieden.

Hoe gaan jullie als Amsterdam Economic Board met dit soort onzekerheden om?

Wij gebruiken deze regionale Economische Verkenningen als basis voor strategieën. De cijfers hierin vormen dé bewijsgrond waarop wij verder denken over de regionale economie van de toekomst, op basis van het nauwgezet volgen van wereldwijde trends en ook met behulp van onze toekomstscenario’s. Hiermee doordenken wij de bovengenoemde onzekerheden en dat helpt ons weer om te anticiperen op verschillende voorstelbare toekomstbeelden en om keuzes te maken die future proof zijn.

Ook heeft onze International Advisory Board in 2019 een advies opgesteld om op een andere manier naar de regio te kijken: Gedistribueerd Perspectief en Leiderschap voor de Metropoolregio Amsterdam: naar een meer optimale samenwerking. Vanuit een gedistribueerd perspectief kijken betekent in de kern: kijk naar de regio en houd rekening met verschillen tussen deelregio’s, zodat het voor alle spelers het meeste oplevert, en wees pragmatisch over welke partij het beste de lead kan nemen. Gekoppeld aan de EVMRA-bevindingen in dit artikel betekent dit dus dat je de sterktes van de deelregio’s en ook de agglomeratiekracht optimaal probeert te benutten.

En wat betekent dat in de praktijk?

De kern is natuurlijk slim samenwerken. En dat is waarom de Board de verbinding tussen bedrijven, kennisinstellingen en overheden in alle activiteiten centraal stelt. Je ziet het bijvoorbeeld in het Board-initiatief LEAP, voor energiebesparing bij datacenters: samen met de hele keten rond datacenters, dus met hardware fabrikanten, zakelijke klanten, ICT-beheerders, overheid, kennisinstellingen, startups, consumenten en natuurlijk de datacenters zelf bundelen we de krachten om energiebesparing in gang te zetten op verschillende manieren. We creëren natuurlijk leiderschap door een beweging op gang te brengen in de relevante deelregio’s, waarin elke partij zijn eigen rol heeft. Op de achtergrond speelt de signalering dat de datacenters een van de grootverbruikers van energie zijn in de MRA maar ook belangrijk  zijn voor onze internationale positie als verantwoordelijke digitale innovatiehub.  En natuurlijk de mondiale trend dat de hoeveelheid data die we produceren blijft groeien. We zorgen daarbij ook dat we zo’n beweging koppelen aan de laatste ontwikkelingen en innovaties via onze kennispartners.

Ook in het Board-initiatief Inkopen met Impact passen we een soortgelijke aanpak toe: als je inkoopbudget dat toch al uitgegeven wordt kunt inzetten om een positieve impact te maken qua duurzaamheid en maatschappij, realiseer je meteen een groot budget voor innovaties, en kun je bijvoorbeeld succesvolle innovatieve pilots rond een product als werkkleding of circulaire ICT-apparaten gaan opschalen. Vandaar dat we ook hierin heel nauw samenwerken met de MRA-overheden en grotere bedrijven in deelregio’s, die interessante launching customers kunnen zijn voor nieuwe ideeën van bijvoorbeeld startups. Kennispartners denken mee over uitvoering en sluiten zelf ook aan. Op de achtergrond spelen dan weer de globalere trends en technologische ontwikkelingen en analyses die we doen met behulp van scenario’s. In de regio zorgen we dan ook weer voor verankering van de activiteiten in regionale Green Deals, om zo samen duurzamer uit de crisis te komen.

 

 

De bovenstaande grafieken komen tenzij anders vermeld uit de EVMRA, in het bijzonder de infographic. Daarin staan ze allemaal bij elkaar. Handig als je alleen de plaatjes wilt delen.

Wil je meer weten over de serie van Economische Verkenningen? Kijk dan op de site van de Metropoolregio Amsterdam.

 

Goed artikel?

Laat hier achter hoeveel sterren jij het waard vindt.

[Totaal: 5   Gemiddelde:  4.2/5]