Scenario: International Alliances

In het scenario International Alliances, valt Europa uiteen en de overheid en economie werken sterk top-down, wat leidt tot een wereld van protectionisme en nationalisme, met onenigheid tussen voormalige EU-lidstaten. In deze wereld zoeken stedelijke regio’s naar allianties met andere regio’s om competitieve voordelen te kunnen behalen.

 

Kernwoorden bij dit scenario

  • Competitie
  • Investeringskracht
  • Consumerende inwoners
  • Nationalisme en Protectionisme
  • Zoeken naar internationale allianties

Verdeeld Europa, top down sturing

Fiscale aantrekkingskracht om grote bedrijven te behouden

Het is 2040. Grote onenigheid tussen de lidstaten heeft de EU verdeeld. De handel binnen Europa is gekrompen na jarenlang protectionisme, nationalisme en populisme. Nationale overheden hebben bevoegdheden teruggepakt en acteren vanuit economisch eigenbelang. Door middel van fiscale voordelen en deregulering proberen ze bedrijven te behouden en/of te lokken. Grote multinationals spelen overheden tegenover elkaar uit. Een verzwakt Brussel kan geen tegenwicht bieden en landen en regio’s verenigen. Het versnipperde Europa maakt het moeilijk om internationaal afspraken te maken en de uitvoering goed te coördineren.

Europese fondsen worden vervangen door internationale allianties

Doordat Europa geen speler van belang meer is, richten bedrijven en kennisinstellingen zich op relaties binnen Nederland, haar buurlanden en op strategische allianties in het verre buitenland. De Europese innovatiefondsen zijn weggevallen. Hierdoor moeten partijen op een andere manier hun R&D financieren. De Nederlandse middelen zijn beperkt, allianties met kapitaalkrachtige bedrijven en overheden elders, uit Azië en Amerika, zijn noodzakelijk. Zij bepalen de spelregels, en het is moeilijk om de Europese waarden en normen hierin gewaarborgd te krijgen. Voor deze internationale partijen is Nederland met haar hoogopgeleide bevolking en internationale handelsgeest nog steeds een aantrekkelijke handelspartner. Meer dan ooit verenigen de Nederlandse kennisregio’s zich, onder aanvoerderschap van het Ministerie van Economie in ‘Knowledge from Holland’ om samen sterk te staan.

Wat betekent dit voor de Metropool Amsterdam?

We werken aan een slimme, groene en gezonde metropool van de toekomst. In het scenario International Alliances is er een aantal krachten die daarbij helpen. Tegelijkertijd zijn er ook bedreigingen. Wat moeten en kunnen we doen om in dit scenario de juiste stappen te zetten?

Weinig initiatief uit een verdeelde samenleving

Door het uiteenvallen van Europa moet Nederland steeds meer zijn eigen boontjes doppen. De rijksoverheid heeft allerlei bevoegdheden naar zich toegetrokken om dit zo goed mogelijk te kunnen doen. In het hele land dringt het besef door dat het land zich moet verenigen om niet ten onder te gaan in het internationale gewoel. De traditionele instituties, van overheden, bedrijven en banken, zitten nog steeds op de bestuurdersstoel. Men klaagt over de overheid en over de macht van grote bedrijven, maar alternatieven zijn er vanuit de samenleving niet gekomen.

Binnen de MRA  spelen de relaties met Den Haag een belangrijke rol, waarin Amsterdam een steeds belangrijkere positie inneemt en veel bepaalt. De andere delen doen mee, maar erkennen dat zij economisch sterk afhankelijk zijn van de hoofdstad. De wethouders zitten wekelijks met de minister om tafel om slimme deals te sluiten met buitenlandse partijen. Een sterk nationaal net van (spoor)wegen zorgt voor fysieke verbinding.

Internationaal gezien worden vooral contacten onderhouden met enkele welwillende andere regio’s en partijen, waaraan Nederland complementair is en waarmee zij bilateraal goede banden onderhoudt. Schiphol richt zich vooral op die regio’s waar deze zakelijke contacten zich bevinden. Europese treinverbindingen zijn niet tot stand gekomen. De toeristen die Nederland bezoeken, doen dat met het vliegtuig, de bus of de auto.

Kostenbewustzijn wint het van milieubewustzijn

Toegenomen economische onzekerheid doet een grotere groep inwoners van de MRA op de kleintjes letten. Consumenten willen het goedkoopste en makkelijkste product, ook al wordt het door een grote multinational in een lagelonenland via massaproductie gemaakt. Consumenten en kleine bedrijven zijn afhankelijker van deze multinationals, door gebrek aan Europese harmonisatie en standaardisatie. Hierdoor kan je niet zomaar naar een concurrent kan overstappen. Duurzaamheid en maatschappelijke verantwoordelijkheid worden gezien als ‘mooi meegenomen’, maar genieten geen prioriteit. In deze individualistische wereld zijn deelconcepten nauwelijks aangeslagen. Ook de gezondheidszorg is sterk afhankelijk van enkele grote data- en farmabedrijven. Zij bieden kostenefficiënte oplossingen aan, maar onder weinig flexibele voorwaarden. Privacy en open data zijn minder vanzelfsprekend.

Efficiency en substitutie voor meer energie- en grondstoffenzekerheid

Protectionisme en handelsoorlogen hebben de leveringszekerheid van grondstoffen en van fossiele energie verminderd. Nationale overheden voelen daarom de urgentie om daar minder afhankelijk van te zijn. Ook Nederland zet forse stappen en partijen beperken al dan niet gedwongen hun energiegebruik. De windmolens op zee – die weliswaar duur zijn door import van materialen – zijn belangrijk om ook voor de productie van energie zelfstandiger te kunnen zijn. Omdat meer landen dezelfde beweging maken, blijven de offshorebedrijven spelers van wereldformaat. De Groningse gaskraan gaat in koude winters nog regelmatig open. Ook op gebied van grondstoffen wordt zoveel mogelijk gebruik gemaakt van producten van eigen bodem en wordt volop ingezet op circulaire economie. Immers, slim hergebruiken is in dit scenario veel goedkoper dan nieuw importeren. Op de juiste schaal kringlopen sluiten voor circulaire initiatieven blijkt vaak nog problematisch. De landbouwsector richt zich steeds meer op de behoeften van de eigen bevolking.

De handel via zeevaart wordt minder belangrijk voor de MRA en de ruimte in de havens wordt ingezet ten behoeve van circulaire fabrieken. De elektriciteit vanaf zee komt onder andere in de MRA aan land, waardoor ook de energie-intensieve industrie hier een plek zoekt. Deze industrie moet hiervoor wel de omslag maken van gas naar elektriciteit, waterstof of biogas.

Bedrijven (en overheden) proberen zelf het wiel uit te vinden en voor zichzelf te houden. De uitdaging in dit scenario ligt dan ook vooral in het doorbreken van de lage bereidheid tot samenwerking en kennisdeling en in het faciliteren van de juiste (voorwaarden voor) allianties. Daarnaast is er een uitdaging om de randvoorwaarden te scheppen om de focus te verleggen van efficiëntie naar daadwerkelijke, duurzame innovatie.

De vier scenario’s voor de Metropoolregio Amsterdam

Het scenario International Alliances maakt deel uit van de MRA scenario’s.

Via deze link kom je bij het volledige artikel over de toekomstscenario’s. Of klik direct hieronder om ook de andere scenario’s te lezen.

Goed artikel?

Laat hier achter hoeveel sterren jij het waard vindt.

[Totaal: 0    Gemiddelde: 0/5]